Twaalf veelgestelde vragen


Is Montessori-onderwijs geschikt voor elk kind?
Ja, elk kind kan Montessori-onderwijs volgen. Het is wel van belang dat de ouders zich kunnen vinden in de principes. Ons onderwijs biedt ieder kind goede ontplooiingsmogelijkheden. We halen uit het kind ‘wat erin zit’. Stille of teruggetrokken kinderen leren in de groep voor zichzelf opkomen. Drukke en dynamische kinderen leren omgaan met hun energie. Het onderwijs en het leermateriaal bieden structuur, zodat kinderen leren omgaan met orde en regelmaat. Daardoor ondervinden ze rust en bouwen ze zelfvertrouwen op.

Hoe stimuleren jullie kinderen die minder uit zichzelf aan de slag gaan?
Op de Montessorischolen creëren we een stimulerende omgeving. De leerkrachten observeren het kind en bieden op het juiste ogenblik leermateriaal aan dat de nieuwsgierigheid prikkelt. Zo gaat het kind vanzelf aan de slag. Ieder kind kan op deze manier zelfstandig leren werken. Ook positieve voorbeelden van andere kinderen werken motiverend.

Wat als het kind meer- of minderbegaafd is?
De leerkracht gaat steeds op zoek naar interessante, geschikte leerstof voor elk kind. Ongeacht de intelligentie. Montessori-onderwijs is daarom geschikt voor alle kinderen. Voor meer-begaafde kinderen is extra verdiepingsstof ontwikkeld en bezoekt het kind de plusklas. Als een kind ondanks alle hulp en goede zorgen te weinig vooruitgang boekt, verwijzen we door naar een school voor speciaal onderwijs. Dat doen we in goed overleg met de ouders.

Begint het Montessori-onderwijs al vanaf 2 jaar?
Montessorischool Elzeneind heeft een eigen peutergroep; Papillon. Peuters kunnen in Peutergroep Papillon al vanaf 2 jarige leeftijd werken met het Montessorimateriaal dat Maria Montessori speciaal voor deze leeftijd heeft ontwikkeld. Peuters vanaf 3 jaar, die eraan toe zijn, kunnen dagdelen meedoen aan de onderbouwgroep van de school. Dit gebeurt in overleg met de ouders.

Wat is het verschil tussen klassikaal en Montessori-onderwijs?
Het klassikale onderwijs kiest voor kennisoverdracht aan de hele groep ineens. Het leerstof/jaarklassensysteem gaat ervan uit dat kinderen starten en eindigen op hetzelfde niveau. Het Montessori-onderwijs gaat uit van het individuele kind. Elk kind krijgt individuele begeleiding, die aansluit bij het eigen tempo, leer- en intelligentieniveau.

Krijgen de kinderen ook klassikaal les?
We wisselen het zelfstandig werken af met groepsmomenten. Leerkrachten geven dus ook les aan de hele groep. De kinderen verwerken de leerstof naderhand wél op hun eigen niveau en in hun eigen tempo.

Wat is het verschil met zelfstandig werken op klassikale scholen?
In het klassikale onderwijs heeft zelfstandig werken vooral te maken met het zelfstandig verwerken van de aangeboden leerstof. De leerkracht bepaalt de keuze. In het Montessori-onderwijs maakt  daarnaast de leerling zelfstandig keuzes. Sommige kinderen moeten dit leren, andere kunnen dit van meet af aan zelfstandig. De pedagogische principes zijn dus anders. Daarom is het niet waarschijnlijk dat de scholen naar elkaar toe groeien. Scholen voor klassikaal onderwijs hebben wel elementen overgenomen uit de Montessori-methode.

Waarom zijn er meerdere leeftijdsgroepen in 1 klas?
Tijdens de schoolperiode is een kind in de groep een paar keer de jongste, de middelste en de oudste. Op deze manier is een kind dat in het gezin bijvoorbeeld de oudste is, ook een keer de jongste in een groep. Dat is een bijzondere ervaring. Zo kunnen kinderen van elkaar leren. En ze krijgen verantwoordelijkheidsbesef; oudere kinderen voelen dat ze al veel kunnen en weten. Ze helpen de jongere kinderen op een vanzelfsprekende manier.

Hoe gaat Montessori om met normen en waarden?
We leren de kinderen waarom waarden en normen noodzakelijk zijn als je met veel mensen samenleeft. We houden klassengesprekken, de kinderen werken samen en overleggen met elkaar. Zo ervaren ze dat er verschillende meningen zijn. En ze leren hoe je problemen bespreekbaar maakt en oplost. De scholen hebben een belangrijke taak in het bijbrengen van respect en tolerantie. We vragen de ouders de waarden en normen van de school te ondersteunen.

Hoe zorgen jullie dat het ‘vrij werken’ gestructureerd verloopt?
Het Montessori-materiaal is zo ontworpen, dat het één begrip tegelijk uitlegt. Alles heeft zijn plaats en zijn reden. De leerkracht leert de kinderen plannen. Het ene kind kan dit gemakkelijk, het andere moet dit leren. De kinderen leren hoe ze zélf kunnen leren. Zo groeien ze op tot zelfstandige mensen. In het Montessori-onderwijs in Nederland gebeurt dat al ruim negentig jaar.

Hoe is de aansluiting op het voortgezet onderwijs?
Er is geen verschil in niveau of prestaties in vergelijking met andere basisscholen. Het vervolgonderwijs sluit aan op de leerstof die de kinderen hebben verwerkt. Kinderen van Montessorischolen vallen vaak op door hun positieve werkhouding, hun mondigheid en zelfstandigheid. Soms moeten ze wel wennen aan de nieuwe school, omdat ze niet altijd kunnen overleggen, op hun plaats moeten blijven, en niet altijd kunnen doorwerken aan een taak.

Hoe eigentijds is Montessori-onderwijs?
Montessori-onderwijs is voortdurend in ontwikkeling. Het sluit aan op de moderne samenleving en de wereld van het opgroeiende kind. De essentie is hetzelfde gebleven als in de tijd van Maria Montessori: zelfopvoeding staat centraal. De afgelopen jaren heeft het onderwijs veel modernisering ondergaan, maar de methode en het materiaal oefenen nog altijd een grote aantrekkingskracht uit op kinderen van alle leeftijden.